|
Wacht
minimaal 1 ms na het omschakelen van ontvangen naar zenden alvorens data
te verzenden.
|
|
|
Bij het
inschakelen van de transmitter vanuit de standby mode is een delay van 1
ms vereist. Het duurt dus maximaal 2 ms voordat er data verstuurd kan
worden.
|
|
|
Bij het
inschakelen van de voedingsspanning moet de module minimaal 3 ms in
ontvangst mode gehouden worden.
|
|
|
Na het
omschakelen van zenden naar ontvangen duurt het maximaal 3 ms voordat er
geldige data ontvangen wordt.
|
|
|
Vanuit
de standby mode duurt het maximaal 3 ms voordat er geldige data ontvangen
kan worden.
|
|
|
Na het
inschakelen van de voedingsspanning duurt het maximaal 5 ms voordat er
geldige data ontvangen kan worden.
|
|